Kinderalimentatie in Polen wordt bepaald door twee factoren: de redelijke behoeften van het kind en de capaciteit van de onderhoudsplichtige ouder. Wonen het kind en de onderhoudsplichtige elk in een ander land, dan wordt de vraag van tenuitvoerlegging vaak even belangrijk als de vaststelling zelf.
Deze leidraad bespreekt hoe de bijdrage wordt vastgesteld, gewijzigd en ten uitvoer gelegd. Het kantoor is gevestigd in Poznań en staat bij in familiezaken in heel Polen; de zaak kan grotendeels op afstand worden voorbereid.
De grondslag van de onderhoudsplicht
Beide ouders hebben de plicht een kind te onderhouden dat daartoe niet zelf in staat is. De plicht volgt uit de verwantschap en staat los van de vraag of de ouders gehuwd zijn geweest en of een echtscheiding is uitgesproken.
De omvang van de bijdrage wordt bepaald door twee factoren: de redelijke behoeften van het kind en de verdien- en vermogenscapaciteit van de onderhoudsplichtige ouder. Beide elementen worden samen beoordeeld, zodat een bijdrage niet boven de behoeften van het kind, noch boven wat de ouder redelijkerwijs kan dragen, wordt vastgesteld.
Wie betaalt, en aan wie
Beide ouders dragen naar verhouding van hun capaciteit bij aan het onderhoud van het kind. De bijdrage kan geheel of gedeeltelijk worden vervuld door de persoonlijke zorg voor het kind en door het dagelijkse werk in het huishouden.
Woont het kind vast bij de ene ouder, dan vervult die ouder zijn deel vaak door de dagelijkse zorg, terwijl de andere financieel bijdraagt. De bijdrage komt het kind toe, maar wordt in de praktijk geldend gemaakt door de ouder of andere persoon die de dagelijkse zorg heeft.
Hoe de bijdrage wordt vastgesteld
De redelijke behoeften van het kind omvatten onder meer huisvesting, voeding, kleding, gezondheid, onderwijs en redelijke vrijetijdsbesteding. De behoeften worden concreet voor het afzonderlijke kind beoordeeld en kunnen variëren met leeftijd, gezondheid en bijzondere omstandigheden, bijvoorbeeld een behandeling of scholing die extra uitgaven meebrengt.
Tegenover de behoeften staat de capaciteit van de onderhoudsplichtige, dat wil zeggen inkomen en vermogen alsmede de mogelijkheden die de ouder heeft om inkomen te verwerven. De vaststelling is geen vast percentage, maar een concrete afweging, en dezelfde cijfers kunnen daarom tot verschillende uitkomsten leiden, afhankelijk van de situatie van het kind.
Grotere en onvoorziene uitgaven
De redelijke behoeften van het kind omvatten niet alleen de lopende uitgaven, maar ook grotere of onvoorziene uitgaven wanneer die gerechtvaardigd zijn – bijvoorbeeld noodzakelijke behandeling, een bril, de start van school of aan onderwijs verbonden kosten.
Zulke uitgaven kunnen in de vaststelling worden betrokken, maar dienen te kunnen worden gedocumenteerd. Is een grotere uitgave eenmalig, dan kan dat van belang zijn voor de wijze waarop die tussen de ouders wordt verdeeld, en het dient duidelijk te blijken wat een vastgestelde bijdrage geacht wordt te dekken en wat eventueel afzonderlijk moet worden gedeeld.
Verdiencapaciteit – niet alleen het feitelijke inkomen
Bij de beoordeling van de capaciteit kijkt de rechter niet alleen naar het feitelijke inkomen, maar naar de verdiencapaciteit – dat wil zeggen wat de ouder met zijn kwalificaties en mogelijkheden zou kunnen verdienen.
Een ouder kan zijn bijdrage daarom in beginsel niet verlagen door vrijwillig werk op te geven, voor een lager inkomen te kiezen of zijn mogelijkheden niet te benutten. Omgekeerd kunnen reële en onvrijwillige wijzigingen in het inkomen van belang zijn. Wat vrijwillig en onvrijwillig is, berust op een concrete beoordeling.
Volwassen kinderen, opleiding en de grenzen van de plicht
De onderhoudsplicht eindigt niet automatisch wanneer het kind een bepaald aantal jaren bereikt. Zij kan voortduren zolang het kind nog niet in staat is in zijn eigen levensonderhoud te voorzien, bijvoorbeeld tijdens een voortgezette opleiding die met redelijke voortgang wordt gevolgd.
De plicht is echter niet zonder grenzen. Onder bepaalde voorwaarden kan de onderhoudsplichtige verlangen dat de plicht wordt beperkt of eindigt, bijvoorbeeld indien zij een onevenredige last meebrengt, of indien een volwassen kind zich niet inspant om zelf in zijn onderhoud te voorzien. Ook dit wordt concreet beoordeeld.
Overeenkomst, uitspraak of echtscheidingszaak
De bijdrage kan op meerdere manieren worden vastgesteld: bij een overeenkomst tussen de ouders, bij een afzonderlijke zaak over alimentatie, of als onderdeel van een echtscheidingszaak, waarin de rechter hoe dan ook een standpunt inneemt over het onderhoud van het kind.
Een overeenkomst kan doelmatig zijn wanneer de ouders het eens zijn, maar zij dient zo te worden geformuleerd dat zij als grondslag voor tenuitvoerlegging kan dienen als de betaling later uitblijft. Zijn de ouders het niet eens, dan stelt de rechter de bijdrage vast.
Wijziging van een vastgestelde bijdrage
Een vastgestelde bijdrage is niet onveranderlijk. Wijzigen de behoeften van het kind of de financiële situatie van een ouder wezenlijk, dan kan verhoging of verlaging van de bijdrage worden gevorderd. Dat geldt bijvoorbeeld wanneer het kind aan een duurdere opleiding begint, of wanneer het inkomen van de onderhoudsplichtige merkbaar verandert.
Een wijziging vergt in beginsel een nieuwe beslissing of overeenkomst; men kan niet eenzijdig stoppen met betalen of het bedrag wijzigen. Totdat een wijziging is doorgevoerd, geldt de eerdere bijdrage.
Betalingsachterstand en rente
Elke alimentatietermijn wordt in beginsel op het overeengekomen of vastgestelde tijdstip opeisbaar. Blijft een termijn uit, dan ontstaat een achterstand die afzonderlijk kan worden gevorderd, en over het achterstallige bedrag kan rente oplopen.
Een achterstand vervalt niet enkel doordat er tijd verstrijkt, maar de mogelijkheid om die te innen kan met de jaren moeilijker worden. Daarom dient uitblijvende betaling niet lang zonder reactie te blijven; een vroege aanpak maakt het gemakkelijker zowel de lopende als de opeisbare termijnen veilig te stellen.
Alimentatie met terugwerkende kracht
Alimentatie kan naar omstandigheden ook worden gevorderd voor een periode vóór de vordering, binnen de grenzen die de regels stellen, in het bijzonder wanneer in de behoeften van het kind in die periode niet is voorzien. Daarnaast kan er verschil zijn in hoever terug onbetaalde, reeds vastgestelde bijdragen kunnen worden gevorderd.
Daarom dient een vordering niet onnodig te worden uitgesteld. Hoe langer het duurt, hoe moeilijker het kan zijn behoeften en betalingen te documenteren, en een deel van een mogelijke vordering kan verloren gaan.
Tenuitvoerlegging over de grens
Een beslissing over alimentatie heeft alleen waarde als zij ten uitvoer kan worden gelegd waar de onderhoudsplichtige inkomen of bezittingen heeft. Woont de ouder in een ander land dan het kind, dan bestaan er regelingen en internationale verdragen die het mogelijk maken een beslissing over kinderalimentatie in een ander land te erkennen en ten uitvoer te leggen.
Welke weg de juiste is, hangt af van de betrokken landen en van wanneer en waar de beslissing is genomen. Daarom dient de vraag van tenuitvoerlegging al te worden meegewogen wanneer wordt beslist waar de bijdrage wordt vastgesteld, zodat een beslissing niet moeilijk in de praktijk te brengen blijkt.
In de praktijk richt de tenuitvoerlegging zich op het inkomen of de bezittingen van de onderhoudsplichtige, vaak via een deurwaarder. Woont de onderhoudsplichtige in het buitenland, dan vereist dat eerst dat de Poolse beslissing daar wordt erkend voordat zij ten uitvoer kan worden gelegd.
Documenten uit Nederland
Documenten uit Nederland moeten bruikbaar zijn tegenover een Poolse rechter. Voordat ze worden besteld of vertaald, dienen vorm, apostille en vertaling te worden opgehelderd. Het gaat doorgaans om de geboorteakte van het kind, bewijs van behoeften en uitgaven, bewijs van het inkomen van beide ouders en – wordt met een volmacht gehandeld – een volmacht die aan de Poolse vormvereisten voldoet.
Veelgemaakte fouten
- De bijdrage wordt als een vast percentage berekend in plaats van een concrete afweging van behoeften en capaciteit.
- Men gaat uit van het feitelijke inkomen alleen, terwijl de verdiencapaciteit doorslaggevend kan zijn.
- De betaling wordt eenzijdig gestaakt of gewijzigd zonder een nieuwe beslissing of overeenkomst.
- Een vordering wordt uitgesteld, waardoor een deel van de mogelijke bijdrage over het verleden verloren gaat.
- De bijdrage wordt vastgesteld zonder acht te slaan op waar de beslissing later ten uitvoer moet worden gelegd.
Wat wij doen
Vaststelling: het in kaart brengen van de behoeften van het kind en de draagkracht van beide ouders alsmede het formuleren van een alimentatievordering, bij overeenkomst of voor de rechter.
Wijziging: beoordeling of een wezenlijke verandering grond geeft om een vastgestelde bijdrage te verhogen of te verlagen, en het voeren van de nodige zaak.
Tenuitvoerlegging: voorbereiding van erkenning of tenuitvoerlegging van een alimentatiebeslissing in een ander land, wanneer het kind en de onderhoudsplichtige elk elders wonen.
Het kantoor staat bij in heel Polen, en de zaak kan in de regel op afstand worden voorbereid.
Gerelateerde onderwerpen
Veelgestelde vragen
Hoe wordt kinderalimentatie in Polen vastgesteld?
Naar de redelijke behoeften van het kind en de verdien- en vermogenscapaciteit van de onderhoudsplichtige ouder. Het is geen vast percentage, maar een concrete afweging. Beide ouders dragen naar verhouding bij, en persoonlijke zorg voor het kind kan meetellen.
Kan de bijdrage worden verlaagd als ik minder verdien?
Mogelijk, maar de rechter kijkt naar de verdiencapaciteit en niet alleen naar het feitelijke inkomen. Een vrijwillige daling – bijvoorbeeld door werk op te geven – verlaagt in beginsel de bijdrage niet. Reële en onvrijwillige wijzigingen kunnen daarentegen van belang zijn.
Wanneer eindigt de plicht om te betalen?
Niet bij een bepaalde leeftijd op zichzelf. De plicht kan voortduren zolang het kind nog niet in zijn eigen onderhoud kan voorzien, bijvoorbeeld tijdens een opleiding. Onder bepaalde voorwaarden kan zij worden beperkt of eindigen, onder meer als zij een onevenredige last meebrengt.
Kan een bijdrage later worden gewijzigd?
Ja. Wijzigen de behoeften van het kind of de financiële situatie van een ouder wezenlijk, dan kan verhoging of verlaging worden gevorderd. Dat vergt een nieuwe beslissing of overeenkomst; men kan het bedrag niet eenzijdig wijzigen.
Kan een Poolse alimentatiebeslissing in Nederland ten uitvoer worden gelegd?
Er bestaan regelingen en internationale verdragen die het mogelijk maken een beslissing over kinderalimentatie in een ander land te erkennen en ten uitvoer te leggen. Welke weg de juiste is, hangt af van de landen en van de beslissing, en dient vanaf het begin te worden meegewogen.
Kan ik alimentatie vorderen over de periode vóór de procedure?
Naar omstandigheden ja, binnen de grenzen die de regels stellen, in het bijzonder wanneer in de behoeften van het kind in die periode niet is voorzien. Een vordering dient niet onnodig te worden uitgesteld, omdat een deel ervan anders verloren kan gaan.